Inleiding

Hoe vaak heb jij niet gedacht: “Als ik de lotto win, dan …”?

En gemiddeld genomen volgen er dan zinnen als “… koop ik een groter huis” of “… een grotere auto” of “… dan ga ik een wereldreis maken” of “… dan los ik mijn schulden af” of “… dan ga ik rentenieren en in een warm land wonen” of “… dan begin ik een chambre d’haute in Frankrijk of “… dan …” vul zelf maar verder in.

Wie heeft er als kind niet van gedroomd om als een Dagobert Duck in een pakhuis vol met munten rond te zwemmen? Te midden van je eigen fortuin. Ik heb dat wel en ik durf te wedden jij ook.

En die gedachten zijn helemaal niet vreemd. Iedereen koopt weleens een kraslot of staatslot in de hoop dat de hoofdprijs jouw kant op komt. Die kans is onwaarschijnlijk klein, maar toch. De gedachte alleen al dat zo’n hoofdprijs nieuwe mogelijkheden opent om je dromen waar te maken is al genoeg om je af te leiden van je dagelijkse sores.  De gedachte aan de hoofdprijs is zo tastbaar dat je het haast kunt voelen en ruiken.

Op de televisie (of misschien zelfs wel in je eigen bedrijf) zie je topmanagers ieder jaar vette bonussen opstrijken, of een dikke gouden handdruk krijgen omdat ze de afgelopen jaren zo goed (of juist heel erg slecht) hebben gefunctioneerd. Soms zelfs met bedragen van ettelijke miljoenen euro’s. Genoeg geld om je in één klap echt rijk te voelen. Jij sappelt intussen verder voor je bescheiden loontje.

Doe mij maar eens een keer zo’n bonus. Ik belde gelijk mijn baas op om te vertellen dat ik nooit meer zou komen. Ik zou lekker boeken gaan schrijven, in het zonnetje liggen, met een lekker drankje erbij. Gewoon de hele dag leuke dingen doen waar ik zin in heb. Teveel om op te noemen eigenlijk.

Nu kun je denken: ‘ho eens even, is dit nu de één of andere arme sloeber die een boek schrijft over rijk worden, maar zelf geen cent heeft om zijn kont te krabben?’ Van zo iemand neem je natuurlijk geen adviezen aan, ten minste, niet waar het rijk worden betreft.

En gelijk heb je. Hoeveel mensen er niet hebben geprobeerd rijk te worden door een boek over rijk worden te schrijven. Of succesvol door een boek over succes. Maar wees gerust, daarvan is in dit geval geen sprake. Ik ben rijk. Rijker dan je je voor kunt stellen. Zo ontzettend rijk dat ik de tijd en ruimte heb om er, zittend in het zonnetje, met een lekker biertje bij de hand, een website over vol te schrijven. Zo rijk ook, dat ik het hele jaar door vol kan plannen met allerlei leuke dingen waar ik veel plezier aan beleef. Zo rijk dat ik volop tijd heb voor mijn partner, mijn zoontje, vrienden en familie. Zo rijk dat ik kan kopen wat ik wil, zonder dat ik me zorgen hoef te maken dat de bodem van mijn geldpakhuis ooit in zicht komt. Zo rijk ook, dat ik de gouden tips hier gratis weg kan geven.

Als je dan denkt dat ik die rijkdom vast van mijn ouders of uit een erfenis heb gekregen, of dat ik één van de weinige gelukkigen ben die de hoofdprijs in de loterij heeft gewonnen, dan heb je het mis. Ik ben een ‘self-made-man’ zoals ze dat zo mooi in het Engels zeggen. Ik heb mijn rijkdom helemaal zelf opgebouwd en ik wil jou met dit boek laten weten hoe ik dat heb gedaan. Zodat ook jij vanaf vandaag kunt gaan bouwen aan jouw eigen fortuin. Voor sommigen kost dat slechts enkele dagen, voor anderen weken of maanden. Maar langer dan een jaar, 365 dagen, hoeft het echt niet te duren. Zelfs als je nu diep in de schulden zit.

Maar waarom deel ik die kennis met de wereld? Waarom deel ik die kennis met jou? Waarom zou ik al die rijkdom niet voor mijzelf houden en verder bouwen aan mijn eigen fortuin?

Het antwoord daarop is simpel: Ik heb genoeg!

Laat dat antwoord maar eens op je inwerken. Ik ben zo rijk, dat er niets meer bij hoeft. Zo rijk dat ik er zelfs niets meer bij wil. Kun jij je de situatie voorstellen dat je zo rijk bent, dat jij hetzelfde kunt zeggen? Wanneer ben jij zo rijk dat er met goed fatsoen niets meer bij kan? Dat je alles hebt wat je hebben wilt en er niets meer bij hoeft? Het punt dat je zegt: “Weet je wat, ik ga eens wat van mijn rijkdom weggeven aan de mensen die het harder nodig hebben dan ik?”

Nou, op dat punt ben ik dus aanbeland. Ik heb genoeg en het wordt tijd dat ik eens wat weg ga geven. Dus de kennis die ik met jou ga delen is mijn geschenk aan jou. Opdat jij, samen met vele anderen, net zo rijk mag worden als ik.

Genoeg voor de inleiding, want jij wilt aan de slag. En terecht. We gaan ervoor zorgen dat je binnen de kortste keren bij de club der rijken gaat behoren. Succes gegarandeerd!

Aan de slag!